• Tidak ada hasil yang ditemukan

Bali dari sekolah perten_gahan ·dan tingg - Khastara Perpusnas

N/A
N/A
Protected

Academic year: 2023

Membagikan "Bali dari sekolah perten_gahan ·dan tingg - Khastara Perpusnas"

Copied!
4
0
0

Teks penuh

(1)

ffo. 10 en 11 1 5 MEI

e~

1 l unt 1927 12e

Orgaa n van de Studeeren en - \Jereeniging Jong-Java.

Als Rechtsp ersoo n erke nd bij Gouver ement s Besl uit 9 October 192;).

(Perseri ka tan pe mo eda-p emoeda Djawa, Madoera dan : Bali dari sekolah pe r ten_gahan · dan tingg

Uitgever: HOOFDBESTUUR.

Secretariaat Jloafdbestuur:

SARWONO PRAWlROHARDJO, STOVIA Weltevreden.

Pennin~meester:

SOEDJONO,

I --- Vers cbijnt · twee lleer per ma a nd

COMMISSI E . REDACTIE:

VII

Abonnementsprijs:

Per jaar ...

f

5.-, per half jaar ... . per kwartaal .. .

f

2.-, bij vooruitbetaling.

Advertenties:

Per regel . .. .•• . •

f

0.25, per keer minimum ...

f amilieberichten ... . , lebaran-wenschen • ... .

f

3.-

f

t.50 f 2.5D f o.~o

I

Bi.j abonnementen belangrijke reductie.

---~---_.,_,.,_:,..,.;;;.;..._ __________________ -!.. _________________ ~~·

INHOUD.

OUDEREN RUBRIEK:

I. Indonesia en Nederland.

2. Levenshouding.

3. De niaatschappelijke volk welvaart.

JONGEREN RUBRIEK:

4. :\an mijn jcngere Zusters en broeders.

5. Uit het lev 2n van een d ·sajcngen.

MEJSJESRUBRIEK:

6. Bobbed hair.

7. Aan zuster Smriti.

PAOVINDERSHOEK:

8. Installatieavond van de

J . J.

padvinderij afd.

Bogor.

9. H. B. mededee'.ingen.

10. Uit de partij.

11. Van de Redaktie. ' 12. Correspondentie.

13. In memoriam.

14. Bij de maqt:ettes der van Heuts-prijsvraag.

C>uderen Jlubrie l\

'lSC.SC5C.5'2!f2.5252.S~~~~~

lNDONESIA EN NEDE~LAND.

Het vraagstuk over de ve1houding van lndoncsia tot Nederland 'n c,mgekee1 d is er een dat wel steeds op een bevred1gende oplossing zal blij\en wachLen, want d"' vers:.h11lend:! pa.tijen hebben zic11 t.lk een ocpaa.de vernoudmg g-.dacht en deze zullen ze zek.:r niet wi11en pn1sgeven. Zonder vee1 foukn te maken kunnen we b.:!.d.:! belangheb- benden m dne groepen onderbrengen n.l.

1 e. de lmksch~n. zoJa.s ze a.gemeen worden ge- noemd, die Indonesia geht:el los will en. maken van Nederlar.d. Men kan ze cnderverdee:en in ae uiterst iinkschen of re\. olutionairen en de gematigden. Deze twee o;:d.::rgroepen ver- sahi1len s.echts hierin dat de gcmatig.d 'link- schen ecn vrij en onafhankel1jk lndones.a langs de weg der geki<..leltjkheid willen bt:rei- ken, terwijl de revo.utionairtn dat ·willen doen ineens, dus door een revoluue.

2e. de z.g. voo1u.1strevenden, die hun vcoruft- trevendhe1d slechts tot zoover w1llrn lat-n gaan dat ze Indonesia zelfstandig wi.len zien, naas. 't moederland en h.ermee verbond;;n door h2chte culturcele banden en van vnt:nd- schap 1en trouw, dus ze wenschen Nederland en Indon~si:l als -deelcn in een gemecnschap- pel ij k rij ksverband en tenslotte:

3e. de rnenschen die de ,tcekenrn van 't overal ontwakende en reeds ontwaakte nationalisme in de gekolonisee1 de streken niet wenschen op te merkcn en die de verhcudmg als kclonie tot moeder land will en bLhOJd.!n. Ik kau d~ze groep de naam gevrn van ccnversatieven.

Een 1te1t, van zelf sprekend, maar daarom tech nog teekenend, is dat de lndonesiers in de eerste 'twt;e groepen kunnen worden (,nd.!rgebracht-want ik weet tot .nu toe niet wie 't standpunt inneemt als

I

de mens.chen van de der<le groep- rn de Nederlan-.

ders meer in de beide Jaatste twee. V corzoover ik wed maken slechts enkelen van hen, de 1mk~chie partij-en, hierop een ,uit.iondering en \Vel zco dat de communisten de revolutionairen en de S.D.A.P.

er de meer gematigden vormen.

De derdc groep kan ik zeer we! volgen in 1haar gedachtengang, want ze is to ch in hoof dzaak sa- meng€steld uit nijverheidsmenschen e.a., die er 't grootste belang bij 1hebben dat de status van e~n

kolonie zoo nkt veer altijd, dan tuch zoo Jang

~og ... lijk blhouden blijft. Immers, machtige finan- ciers en behoorenq tot het overhecrschende ras, kan zij allerlei wetten en bepalingen door de re- geering laten aannt.mcn, waardoor b.v. de con- currenti~ door de lnhecmsche industrie wordt vcr- nietigd. Men ziet aan Amerika, hoe groot de in- vl<>ed is van ,de financiers cp de politiek van de regeering t.o.v. bet buitenland. Men verwij~ ~.a.

~ pR:Bideat ,ja.t kij in z:ijD politiclc t..o.v. \CXJCO

I

en .Nicaragua zich gehcel .of teveel heeft laten lei-·

den dcor de groot financieele belangen, die de machtige. mlliona irs e.a. ban~enschen, in die Jan- den ,ht.tb·en.

Wij, als gekoloniseerden, kunnen dan tegeh de maatregelen van de regeering, d.w.z. van die geld-

mensch~n, zoo geed als niets beginnen.

Deze menschen. de derde groep, komen er ten-.

minste eerlijk veer uit, dat ze gedreven,worden • door eigenbelang en daar zijn ze om te waarde~

ren, want we weten in elk geval hoe onze houding · 1.o.v. hen moet zijn.

~\aa1 de z.g. vcoruitstrevenden, waartoe 't grcotste dee! van .'t Nederlandsche volk, dat ten- minstc over dit vraagstuk heeft nagedacht, behoort j.:i., ik begrijp niet waar ze naar toe willen, wat we aan hen htbben. Ze zeggen, dat ze Indonesia zdfstandlg willen zien, worden ze daarbij ook niet gedreven door eigenbelang, al zeggen ze 't niet z.a. de derde groep.

lk zie niet in, waarorn we bij zelfstandigheid moetcn blijvcn staan en niet verder, om tot een cnafhankelijkheid te geraken. Waarom houden ze hardnekkig v:ist aan de wensch om Indonesia ver- bonden te ·blijven zien met Nederland, door hechk cultureele en vriendschapsbanden. Zijn ze mis- sch.en beweesd, dat indicn Indonesia onafhanke- lijk w1mit vetkiaar_91 het een proci wor.dt van andere landen d.w.z. Europeesche, die naar koloniale ge-.

oieden hongeren

b.v.

't

Itdie

van Mussolini?

Ik geef toe, dat dit het geval zou kunnen zijn, indien .lndcnesia direct zooals 't nu is, zonder af- weermiddekn, ,,·ordt vr.ijgelaten, maar als 't al verder is gekomen in de ontwikkeling, dat 't sterk genoeg js om op eigen beenen te staan, dan zat 't ook we! sterk genoeg zijn, om buitenlandsche.

aanvallen te weerstaan.

Maar dan kan Indonesia ook even goed bestaan als Een cnafhankelijke staat, met Nederland ver-

bonden door b.v. een verded:gend verdrag, d.w.z.

dat beide landen 't op zich nemen, om elkaar te hulp te snellen, wanneer de eene staat door een · de1 de wordt aangevallen.

Willen ze misschien later hier in Indonesia pro- tedierechtcn heLben op hun producten, dat hun waren gcen of slechts zeer lage t.o.v. die van an- dere landen, inrnerrechten hoev2n te beta'. en? Maar dan is dat nadeelig voor ons, d.w.z. voor de lndo- nesische inaustrie, die in die tijd zeker al tot·

ontwikkeling zal zijn gekomen. W.int de andcre landen zullen als tegenmaatregel bij hen ook het- zelfd uithalen d.i. de buitenlandsche producten bezwaren met ho.oge invoerrechten, en 1zoodoendc ongewens.:h!e, maar eerlijke com:urrentie zoo niet uitschake!en, d'.!n toch zcoveel mogelijk bemoeilij- ken, en bcperken tot een minimum. En wie heeft er onder t:: lijd~n. in elk geval de lndonesiers meer uan de Ncderlanders. Want dez.e kunnen flier neg altijd een groot afzet gebied vinden voor bun wa- ren b.v. hun katoentjes, al is 't in concurrentie met de lnclonesische nijverheid, maar dzze moet 't voor-

al hebbcn van de wcreldmarkt, Nederlwd toch vormi slechts ee11 nietig stuicje grond met een paar millioen inwoners, 't kan in elk geval 't verloren afzetgebied in de andcre leden niet vergcooen ..

En tmuwens, kunnen de Nederlanders, als bun land met ons zclfstMdig Indonesia vormt 't eenig en cndeelbare rijk, dat Groot-Nederland heet - waarom weet ik niet ... , kunnen zij dan die protec- tiewetten Iaten aannemen door de regeering. Want de Indonesiers zullen als gelijkberechtigd dee! van 't ondeelbare rijk, toch even goed wat te zeggen hebben over de algemeene zaken, zullen ze toch ook vertcgenwoordigd zijn in de reegeering. En zullen zij dan niet alks in 't werk stellen om tegen te gaan wat nadcelig is voor Indcnesia vooral, dus cok zullen werken om die funeste wettcn te- helpen afketsen.

Ik weet niets meer tc bedenken waar·door ik kan verklaren, waarorn die z.g. vcoruitstrevend0n o.a.

dl' libcralrn slechts een zelfstanJig Indonesia wil ...

' I

kn hcbl 11. Toch moctc11 er redenen zijn, waar- sclujnlijk van materieel belang, die hen -er toe tJnjvtO om ijuq ~naruatt

ii1

~ ~, i\ntJe~

eet ik niet, waarom ze zoo hardnekkig aan un dankbeeld vasthouden en 't streven van de .D.A.P. e.a. links georienteerde partijcn zoo abso- iuut afkeuren als destructief, anti-koloniaal politiek.

k heb ook in verschillende bladen, o.a. 't tijdschrift . ,Sociaal !even en streven, de Ind. Courant gelez ... n

f;Jat Nederland niet meer buiten Indie" kan. Dus dan worden deze menschen door .dezelfde beweeg-.

redcnen gedreven als die van de Jerde groep, om Indonesia aan Nederland gekoppeld te zien blijven, maar dan komen de laatsten er openlijker voor uit.

DARSONO .

LEVENSHOUDING.

Zaterdag 26 Maart 1927, hield Dr. H. Kraemer

~en lezing over bovenstaand onderwerp voor de

·rerecnigingen jong-Sumatranenbond. Chung-Hsloh, ong Indie en Jong-Java, in het gebouw van e Indonesi~che Studieclub van Soerabaja. De be- tangstelling was groot te noemen. Het zwakke

eslacht zond ook haar vertegenwoordigsters. We agen onder het geachte publiek 4 dochters van et Hemels~he rijk. Jammer echter dat van onze avaansche zusters geen een aanwezig was. Dui- endmaaJ jammer, die dingen zijn anders inter- .. r:ssaot genoeg.

Deze keer is de pers, en zooals altijd bij onze vergaderingen de po:i;ie vertegenwoordigd.

Na ·een inleidend woord van den voorzitter van Jong Java.· ving Dr. H. Kraemer zijn lezing aan.

s ...

reker zei, dat bet voor hem .een groat geuoe- gen is om vier j.eugdvereenigingen .jn het gebouw

· .van de Studiedub aan te treffen.

H~t ·is voor ,spreker zeer aangenaam om zijn woorden te mogen richten tot studeerenden. De student neemt een bijzondere , plaats in de maatschappij in. Hij b.evindt zich in een pertode

· n~ ,,elasticiteit". De jeugd

is

nog kneedbaar, is gemakkeHjk om te vormen ,niet zoo moeilijk als bij :oiwassenen. De studententijd is de tijd, waar- in de pcrsoonlijkheid zich vormt. · De student heeft VC>!op gelegenhc:id om zich te ontwikkelen en zijn geest t:: verrijken. Hij .hceft nog niet te maken met de strijd om het bcstaan *).

Vele studenten beseffen niet van hoe groot be- lang hun smdententijd is. Ze zien alleen uit n.aar het tijdstip w-anneer ze klaar komen.

In de studententijd wordt dikwijls beslist wat wij in de toekomst zijn; deze periode is daarom min of meer gevaarlijk. In dezen tijd wordt im- mers onze levenshoudlng in de maatschappij be-.

pa;ild . .

Men hoort meestal spreken over Jtevens- en wercldbeschouwing en niet over l~venshouding. Nu en. dan is levensbcschouwing zeer noodig, maar zij is niet het belangrijkste.

,Onder !evens- en wereldbeschouwing verstaan 1 we hct aaneenrijgen van .edele gedachten de sa-

~:1enlcving betreffende in een samenhangend ge-

·heel.

Het \is ecn voorrecht voor den mensch een 'den-

·kend wezen te zijn. Het denkvermogen stelt ons

in stalt om in het wezen en de,oorsprong der din- gen .door te dringen.

fa;zijn, menschen die zeggPn: ,.Wij kunnen toch niet doordringen in deze duistere gebieden". Deze menschen vergeten een ding. Een mensch heeft in zich een. gebiedende drang om naar de oorzaak

· der dingen te zoeken, om de dingei1 goed te for ..

muleeren. In deze drang ligt de grootheid van de mensch. Wie zich verdiept in de geschiedenis vain het menschelijk deriken, ( der wijsbegeerte) zal niet' komen tot de conclussie, dat de geschriedenis van het menschelijk denken ecn samenstel is van dwaliingen, zooals door sommigen beweerd wordt.

Het denhn en de handelingen van vete menschen van ·den tegenwoordigen tijd worden nog be- Sleerscht door de grondgedachten dcr oude wijs-

,.eeren. .

Zt!cr weinigeo kennen Cle phylosophie van Plato

---

ofschooo velen zijn denkbeeldcn volgen. Plato heeft het eerst tot uitdrukhmg gebracht, dat dt wcreld een atspiegeling is van tte eeuw igheid

Deze gedachte werd daarna miss.chieu ,c:nder gezegd, maar de groote beteekenis bi1jit d.:!zdhk

Vele menschen .denkcn niet n<. over Je p.aat.s waarop zij in de we1cld staan t::n over d1o red ... n waarom zij daar staan. Het 1s de plicht van e~n

student om te weteri, waar hij slaat. AL hij ui verzuimt, dan is .dit 1een ,,verachtelijke gce::;teliJkt luiheid".

Het is noodig dat we goed studeer·;n; k~nnis ts

onrnisbaar, maar dit is nog niet gcno~g. We mue ten ook ,kennis vergaren met betrekking tot · d, vraag, hoe wij in het leven staan.

Menschen die daarover niet klaar denken, .wur den meegesleurd door voor hen onb ... kcnr.k m, ... , ten.

We kunnen onontwikkelde m~ns hen wel ver- geven, omdat het hun niet aangeboden wordt, een systematisch en geordend denk~n. lieei anders i·

het bij een. ontwikkeld mensch. Als hiJ over dez dingell. niet nauwkeurig en grondig nacicnkt, dan

is dit een nalatighcid, die wij hem ,niet kun,Kn vergeven. '

Het is van groot belang een heidcre

.

levensb, schouwing te hebben.

Een goed Jevensinzicht · verkrijj( ~en alle' wanneer we hieromtrent goede vragein stellen.

Dit is ook het geval met de studii;. De best~

studenten zijn die studenten, die vec:l te vrag ... l

helfoen; niet de menschen die zoo nia.ar vrag n, maar de menschen die de vragen gocd en sch.~r

weten te stellen.

Het is noodig de goede weg .te vinden. Al3 ' .::

een vaste baan hebben, dan kunnen we leidsma1 zijn voor onze nakornelingen.

De levenshouding is echter nog ve~I belangnjker dan de levensbeschouwing. De mensch heert J psychische 1functies: het denken, hzt voelcn en he willen.

Hct

denkvermogen is onmisbaar voor on . Echter is het nict de voornaamste ge.:stesfunctif:';

mau w~l het willen, hetgeen ook cverecnstemt m t

de bevindingen der modeme psychologie.

De mensch is in de le plaats ecn har.c,ck ld maar geen beschouwend wczen.

Al·s handelend wezen . komt steeds de vraag 1r je op: ,,In welke richting zal ik mijn w1l sturt:n?' Uit de richting van .zijn wil kan men uitmakd1 wat voor een mensch hij is.

Levens-en wei-eldbeschouwing vcrgelij kt sprckt 1 met iemand die op de top van een berg zit en 1et

chaos van het wereldgebeuren onder zich gacle- slaat.

Bij levenshouding echter staat men juist ,.mid den" in hct leven.

Het is niet aan ieder gcgcven om ecn systema·

tische Jevensbeschouwing vast te leggen ill em redeneering. Dit kun11en alleen ,genicen ,-io~n.

Op het gebied van levenshouding kar. e hLr ieder groot zijn.

De denkers voor wie hct denken het vo,)rn<ian ste is, staan min of meer aristocra'lisch tPgen OVL~r

de massa.

Sprel\er gaf voorbeelden van mttts.::hen ~iie groo zijn in het gebied van levenshouding.

Als voorbeeld uit hct Westen nam hiJ franscb cus van Assissi. Deze man was gro'..lt, niet omclat hij een groote aenker was; ook was h1J geen org, - nisator. Hij was een zeer eenvoudige man. Hij \"'"

groot, omdat hij besdte, welke t :chting hij aan z1 n

wit moest geven; en hem ook daarheen stuurd~.

Voor het Oosten haalde hij Gandhi als voorbecld aan.

In vergelijking met zijn Iandgenooten Rah!nd ranath Tagore en Gok Ha!e is Gandhi ~cen ·di P- denkcr. Maar dezc man is cons(!qu..:nt 111 :ii z1j 11 daden. Hij drijft door wat hij als waa1he1d hc:ct ingezien, al zijn de dingen die hem m de \ e staan niet bepaald aangenaam te noc ncn

Nu ri.ist bij ons de vra:ig:

Welke levenshouding is de best!'?"

"

Spreker verdeelde cle soortcr hNt.n,.,houd

~" 3 ~n-

(2)

Hij begon met de allerzwak te nl. De houd"ng van hen, ai~ zich Jatcn meesleepen door de stroom.

·i i cen zeer grootc gecstdijke z·wakheid. Dz men chen die tot deze categoric behooren, kunncn aan hun cigen wil ge1.:11 richfng geven. Dez= men- schen worden geestelijk hoe )anger, hoe zwakke en verliezen ten st-Otte htm wit Terccht zei Dr.

Mott: ,,Not to use the will, is to lo e th= will". · De 2e soort van levrnshsuding is de hottding van de vrees. Vele dingen zijn het gevolg van de vrec . De leugen is ook voortgcsprctcn l!it de vrees, de vrees om de waarheid in h.t aang~zicht te zien.

De 3e levenshouding is de houding van mo d en geloof. Zij die deze hoad:ng hebben groeien uit tot kruchtige persccnlijkheden. Een persoon'.ijk- tJdd is iemand die zichzelven gevonden heeft; en zichzelven vindcn beteckent moed h:!bben en leeren z1ch onder een mecster tc plaatsen.

1\\oed en geloof berustcn op hetze:fde feit: bet vertroU\ ·en. Geloof is een onuitputtelijk v:-rtrott·

wen, door het gevoel d.:it men ni~t op eigen krach- ten aangewezen is.

Ats slot zei spreker, dat wij niet allecn vurig moeten zijn in onze jongelingsjaren maar dat w~

ste\;ds enthusiast mocten zijn. Oude mensahen die met een air van supericure 1evenswijshcid h ·f ide"·

lisme der jongercn wrlen docden door te zeggen.

,.\Vacht maar a( jongen. Ats je wat oud:>r bent.

dan zul je wat ka!mer over deze dingen J::nken", zijn eigenlijk niet minder d~n misdadige¥s. Deze mcnsrhen h 'bb"n den sla~ van het !even verlor~n

en willrn anderen in hun v:il me~sleep:!n.

En hiermre wil sprekcr eindigen: ,.Het oud;r worden moet niet bctecken~n: Het verliczcn van het idealisme, maar juist, 't sterker worden".

(Applaus).

'd::! verslaggever, SOENOES1.\0.

DE MAATSCHAPPELIJKE DESAWELVAART.

(Vervo!g).

Indie is ·~ rn • n~elijk e:'n landhouwend land, niet

•aar? De bevolking put ha'"e inkomsten hcofd- zakclijk uit h-:-t landbom bedrijf. Als eerste eisch van ccn goede h:.iishouding mag de vc.orzicnlng in het noodig-e vocdsel warden aangemerkt. Wij mo2- ten trachtcn de voedse!voorziening hier in dit land or te voeren. teneinde daardoor zo:;vc-el mogelijk althans in de meest klemmend? behoefte \•an nood-

druft de \'Oeding te kunnen voorzien. Wij moetrn trachtcn in de vctte maanden tildens en na den oogsttijd restznten te kweeken voor de daarop vol-

~ende scfzrale rr.aanden. Als ik !·et niet mis h~b heerscht hier telken jare rijstgebrek . .Er is elk jaar ccn tekort a:!n rijst om in eigen voeding te voorzien, een tekort, dat uit S:am (Bangkok) en Br. lnd.'e (Rangoon) meet worden aangevuld. De j ren 1919 en 1920 hebben ons geleerd, tot welke moeil ij k11eden <lit aanleiding kan geven, toen de invoer van rijst hier uit de genoemde landen door aldaar getroffen rnaatregelen wcrd bemoeilijkt en er, ofschoon ecn tot het uiterste doo;gevoerde be- bouwing v:rn voor de teelt van landbouwgewassrn in aanmerking komende gronden, bepaal.:le voedse!- scfwarschte, ja rocdselnocd heerschte. We moeten alles in het werk stellen, 0111 clat teho~t zoo klein mogelijk te maken, om 'Ciit land (de gordel ,._..

Smaragd, dat de even 1ar sling~rt - a!dus Mul- tatuli in zijn Max. Havelaar) t.a.v. de \'Oorz.iening in zijn hoofdvoed:ngsprodu::t zco min mogelijk v.h.

buitenland afhankelijk te doen zijn. Als we van rijst als hoofdvoedingsproduct spreken, moet men.

daarbij niet denken, dat zij dit voor de groote bevo:kingsmassa is. Aangezicn de tani over h:!t algemeen gesproken over weinig centcn beschikt, kan hij s!e;hts gcdurende de oogstmaanden en dz.

onmiddellijk daarop volgende zich de weelJe v.h.

rij t eten veroorloven. Gedttrcnde ongevcer ern half jaar zijn het alleen de vreemdelingen en de hetcr ge itueerde lnlanders in steden en op het plattel.and, die zich in hoofdzaak nog met rijst b'.ij- ven vocden. De rest (het grootste rle:!I der bevol- king) leeft dan van mais, cossave en basatw *) die op zich zelve, mits in voldornde lloeveelh:!kl gcrut- tigd, gcnoc::; voedin~swaard.:! bezittcn. In de maan-

<len v. h. nijpcndste gEbr::k, ats cok deze bijvoe- ding schaars en daard,or duur bcgint tc worden, trachtcn de armeren, mccr dan weJ;icht vermoed

\Ordt, hct vocdsel-teko:-t a~n t"' vulkn door het vuttige11 van enkele in het bosrh rnorko!11e.~de kno'- en andere g1.:wasscn (we h2rinneren ons, dat er een ti.it.I is ge vcest, w1arin .vooral Zuid- K ediri ._ Trengalek - aan vocdscl6ebrck leed, waardoor de bcvoiking tot transmigrati::! ovcr:::ing naar b.v. Djember enz.). Daarom moet iedcre tani er in de ecrste plaats op Jetten, dat alle vcor den Jandbouw geschikte tcrre"nnn o den juistcn tijd met vocdingsgewassen worden beplant, dat om zoo te z ggen gecn vierkantc meter daarvan onbeplant blljft. In de genocmde voedselncod:a··en is hct ,.O"r- aekomett, dat elke desaman gedwong.11 werd, t.lk he chikbaar stukje grand, voor den landbouw ge- i;ch1!..t of minder geschikt, te beplanten, zonder

'*) Ie d&.t 1"el 111007 Beel.

.,

.

clat men zich afvroeg o de daaraan be:;tede mcei- te en kc ten we! rendabel waren. De ov:::rheid had nu eenmaal de strenge order uitgevJardigd, dat iedl.!reen a.d. opvoering der vced3elprcducti~ mcest mccwcrken, om daardoor de voedselnc.'.Jd zooveel mogelijk te lcnigen; vele districts- en in laatste mstantie vele dcsabesturcn ginren tc ver in hur1 overigens loffelijk strevcn en huldigden daarbij uit vrees voor bemerkingen vnn bov n, dz zienswijze:

geplant zal er wordcn, geschikt of ongescl1ikt, geen plekjc zal er onbebouwd blijven.

Hct B.B. is een manusje •an ailes. Er is letterlijk gcen onderdeel van staatszorg of B B. moet er niet alleen in gekend worden, hetgeen nog niet zoo kwaad zou zijn voor een diensttak, wiens taak hef is over het wel en wee dcr hevolking te mal:cn, doch het heeft er va.:ik de uitvoering van en dr:iagl er in uiterste consequentie de verantwoorde'.ijkheid van. De A.w. moet in zijn rc.ssort zorgen, da.t d. I bouwveldcn op tijd word~n bep'ant. In h t b~lang

der vocdselvoorziening is gewePscht de bebouw:ng van een zoo groat mogelijke daarvoor in aanmer- king komend~ opperv1aktc. N "a st een beplantinJ

v.d. grootst rnogelijke oppcrvlakte trachte men , productiviteit v /d tcstaande gronden zelve op te voercn. In het dkhtbcvolkte deet van dit land b.v.

Kedoe bestaat b.d. Inlander ecn ware landhcnger.

Steeds vraagt de bevo'.kin:; om rneer grcnJ voor den landbouw, daarbij niet bcdenkende, dat de grens v /d voor landbcuw geschikte terreinen of reeds bereikt Of zelfs al ovcrschreden is. Waar, alth:ins op Java. de uitbreidmg v/d voor landbouw geschiktc oppervlakte niet goed mcer moge1ijk is, daar trachte men de opYoering v /d vordselproductie minder in de brecdte dan wel in de diepte te zoe- ken. en probeere het doe! te bereiken doo'" een intensfevere, dicpcre bewerking v /d bestaanden bouwgrond; wel zal het conservatisme v /d [!11. land- bcuwer remmend op hct welslagen dezer pogingen wcrken, <loch daarori mag men er nog niet van afzien. Door voorlichting moet dat co.1servatisme eens overwonnen worden, \Vil men ten minste tot een oplossing v /d voedingsvraagstuk komcn.

D:iarnaast wijde men meer aandad1t a.h. gebruik van natuurlijke en van kunstmeststoffen. Het ge ...

bruik van verkeerd opgeschuurde stalmest .is nog te primitief en is nog te onvoldoende dan dat he~

in dat opzicht mzg mcdetellen, terwijl het gebru;k van kunstmest bij dicn landbouw, voor zoover mij bekcnd, no~ in het geheel niet bestaat. De land- bouwvoorlichtingsdicnst zal de wegen hebben aan te wijzen. tot cen de ca;Jacitcit opvoeren.de verbdering dier gronden. Aan· U, broerders v/d Middelb. landb School hangt het af, of de moder- ne lanJb~uwwetenschap ing.ing zal vinden ~/d ongeschoo~den tani. Het is de landb. \'Oorlichtings-

dienst, die do9r op ze~r vele plaatsen buiten risico der bevolking te geven voorbeelden proefondervin- delijk de ni:>t te loochenen zegeningen der tr.gen- woordige Jandbouwkennis en - techniek aan haar mo2t demonstreeren, die de· bevolking zal mr.eten voorrekenen en daarbij o8k aantf1onen, ho.e de ml!erdere kosten van mest en werktuigen,' hoe de meerdere te verrichten arbeid tienvoudig zullen wo~den ieruggrgcvcn cocr ce'n ver- hoogde bodemprcductiviteit. lr:dien men in dezc richting eens werkzaam wilde zijn, de landbouw- voorlichting;;dienst *) eens wihJe organiseeren en

uitbreiden - alles desnood lang lijnen van gele!- dehjkheid - dan zou dit in samenwerking met andere diensten als irrfgafie en bosc!Jwezen, m.i.

zeker na niet te langen tijd verrassen-Je r~sultaten

hcbben, rijke vru~ht:n afwe. pen. De Irrigatie zal den landbouw mocten ste:.men door voor ioover mcgelijk voor cen daarbij cn'b::er!·;ke wate V()orz:e-

nin'{ te zorgen of dmr den bestaande water- rijkdom zoo economisch rnogelijk ·te be.nuttc:n ..

Het boschwezen hebbe de zorg over' het tegl.'.:'n·

gaan van zoo al niet dadelijk dan toch tenslot:e voor den Jandbouw onhcilzame ontginningen der·

hJoger gelegen terreinen en over eene doelma1ige verpleging v /d vcgetatieven toestand cler bergte~­

reinen, ten~inde ongunstige watcrcircttlatie in den bcdem zooveel mogelijk te neutralisceren. Op Java zijn zeer vruch!bare terreinen al hoo:;st sch1ars geworJen. In de Buitengewesten kome·n ze nog in menigte en in groote uitgestrektheden voor, doch dactr cntbreken weer d2 handen om t'.i~

grnn·Jen te becouwrn. En zoo komen we van zelf tot de cmigratic v /d dkht bcvolkte javastreken naar de ij:bcwoonde Buitcngewesten (Borneo, Cclebes cnz.). Emigratie van ui! Java lijkt me het een;ge midcl~I om binncn afzienbaren tijd die bra.:ikliggende vruchtbare gebieden in de Buiten- gewcsten binnen den productiekring te krijg:n.

Ook het machinale landbouwbedrijf (tractors) i:1 het groot ware nog eens te overwegen. Wat eens mislukt. hoeft dit nog nict altijd ecn twecden of derden kecr te doen. Ecn der nieuwe wegen, die, zoo zij word en ge\londen vcel tot L n:ging v /h vocd- se!tekort zouden bijdragcn, is de opvoering v/d Rroductiviteit v /d bestaand ·n landbouw hier in Insulin de.

Hlrtelijk groctend Mcdjokerto, 15 Maart 1927. B. B. MAN.

. I

•). Van ecn o.<lj. lnnrlhouwcol'sulcnt to 'Mnd.'n

tch~ri l

bon) ver'nam<1n \nj,, Oat <le h11 oll?. 11g itl!lnnr n<>g ~tgenwijs

fo, nirt Jui11' crt n anr '\'oorl" htir·~· Zo houdt zich vast aan ci~u1 inzic to11 vo.n ,.dJ, man h!lhoulfi..,.1; Red.

'I'·. , ,.• .•·',.!-i~, ~ .

~1"2Si!.5'2.5~2S~!R5ii!S2.!~!5'2..!~~

[jeng~rcr1 -~ubrie·k

,~~·

Aan mijn jongere Zusters en Broeders ..

't Is naa r aanleiding van een paar gezegden uit <··ts laatste congresnummer, dat ik mij de vrij··

posti<jheid heb veroorloofd, d't 'uk te sch~ijvcn.

Velcn uwcr zal 't ,,te kinderachtig" klinken en in zooverre hebt U gelijk, ¥ant 't is kindcrachtig.

Dit 'Wa ecn van de redenen geweest, waarom ik dit epste!leje nict hebt durven inzenden.

Echter wie nict w::ia~t, d'e niet wint.

Aan b·ocder X, den schrijver van ,,Moment- opname" en van wien bovenbedo:!lde gezegden c;fkomstig zijn, bied ik nederig mijn excuses aan voor mijn vrijpos~ighcid.

Zusters en Brocders, de woorden, op velke. ik Uw aandacht wil vestigen. staan gedruk! op bldz.

69 in 't Jcia:ste congresnummer (3de t/m 7de alinea) zooals U gezien zult hebben zijn ze gedoeld op zekeren Bogor-afgevaardigde. - Koestert niet de gedachte, dat 't ui sympathie is voor d0zen eh genen, dat ik durf wagen op- en aanmerkirlgen te maken op Br. X schrijven. Ik wit daarmede echter niet beweren, dat het juist andersom is, o neen, 't spreckwoord ,,onbekend maakt onbemind"

is hier niet op zijn plaats.

Wat voor gevoelens zich van rnij hebben meester gemaakt, 't is me o•mogelijk ze te beschrijven.

Trouwens 't doet hier niets terzake.

Zrs. en Brs., ik doe een beroep op uwe zuster- en brocderliefde, als U rnij zulks niet ten kwade duidt. Hebben deze woordcn niet een gevoel van onbehaaglijkheid in U gewekt? Mij deden ze nict bep::ia!d aangenaam aan. Mocht •t waar zijn, wat Br. X. daar zei, is t dan zoo noodig, dat de h~ele

wercld .:lat W('.et?

Men zegt a:tijd alleen van meisjes - den bree- ders ten spijt - dat ze fijngevoelig zijn. lk zeg, dat 't niet altijd zoo is. Vele broeders toch heb ik gekend, die wat fijngevoeligheid betreft niet voor

mr~isjes behoeven onder te doen. Mijn zusters en die breeders zullen 't zelfde voelen als ik, dat weet

ik bijna zeker.

Zrs. en Brs., weet U, op de jongeren werken deze woorden, o, zoo ontmoedigend, vooral op mij, niets meer en minder dan een groentje, dat nog niet de voldoening kan smaken zich in de rij der onderen te ~rharen. Deze woorden manen mij groote voor- zichtigheid aan. Macht ik op een vergad~ring ko- men, ik zou me twee keer bedenken, alvorens te wagen 't woord te nemen. ja, Zrs. en Brs. ik mo::t u bekennen, durf bezit ik in niet ruime mate ( durf tot 't spreken voor een groot publiek) en 't weinige, wat in me was, is nu reeds voor 99 % gesmolt-n als snernw voor de zcn. De vrees van mij in andermans oogen belachelijk te maken, zal mij steeds een waarschuwing zijn. Mijn nietig per- soontje spreekt de Holl. taal - helaas - op dz allerongelukkigste man:er uit. 't Geluk heeft niet gewild, dat ik me op een beetje spreektalent kan beroemen. Zrs. en Brs., kon iedereen maar hande- ren. zooals 't den padvinders is vc.orgeschreven, 't !even hier op aarde zou een ideaal wezen. Dan zou 't woord ,,Wereldvred~" bewaarheid kunnen wo-den. Helaas. dit alles ligt n::Jg mijlen en mijlen ver in 't verschiet.

Zrs. en Brs. gelooft U, dat 'tin de bedoeling van Br. X. Jag, een broeder pijn te doen? Ik kan 't me maar niet indenken. 't Is betcr 't goede in ae mensch te gelooven dan 't kwade. U wil ik echter

I

zeggen, dat ik dit laatste niet alt:jd in toepassing breng, want bepaald ecn geed mensch b~n ik tot 1 nu toe niet. En 't spreekwcord zegt immers: zo'.)- als de waard is... Zelfs een blik kan iemand wonden Jaat staan woordcn. Weet U, wat Chari varius in e~n zijner gedichten zei?

,,Jongens, heb jeer wet eens evzn over nagedacht, ,,Oat woorden, Jachjcs, blikken, kunnen wonden, dooden? Zrs. een complirnentje voor ons, dat er niet in · stond: meisjes, ofs.choon Charivarius' woorden cvengoed tot de !eden van het zwakke geslacht gericht kunnen zijn. Maar wij, meisjes hcbben ook al zooveel moeten verdragen, niet?

Naast 't weinige voede, wat er van ons gezegd wordt, staan vcle dingen, die voor ons nitt b paa!d vleiend zijn.

Vb.: mci:;jcs zi.in nieuwsgieri~; dat meisje heeft 11aar op d'r tanden

enz.,

enz. Ik kan er we! tot 't oneindige mee duorgaan *) Char;varius heeft ver- moedclijk h!eraa:i gedacht toen hij 't gedicht maak- te. Ik ben hem zeer verplicht, a'.s 't eens zoo was.

Als slot van mijn schrijven heb ik nog een wensch uit te spreken. Meermalen heb ik in boeken gele- zen over een opofferende liefde voor zijn mede- menschen. lk hcb 't altijd bewonderd en kwam er in mij een eerbiedig gevoel voor dat verhevcne in den mensch. Ik heb 't me echter altijd in theorie voorgcsteld. De Padvinderij zal bewijzen, dat dit gecn holle phrase is. Mijn wensch is, clat wij, meis- jcsleden toch ook lid van een padvinderij mogcn worden **). Oat dit toch geen vrome wensch zal zijn ... ..

Ik hoop, dat ik met mijn kinderachtig schrijven niet den toorn van een broeder op den hals zal ha!en.

I. S. ATI.

*). N1ot ovo.rdrijven Zr.I

"'*). Wnnr om 1.i. t Zr. up Batavia. i11 er toch al een 11.i()ilj.'Jostrocp ~.

.. ... l~ \ ' 1 '

an zuster AT/.

Dank zij de vriendelijkheid van de jr.-redaktie heb ik voor het ter perse gaan van dit blad, kennis kunnen nemen van uw geacht artikel.

Het doet me goed in U, zuster Ati, · iemand te Ieeren kennen, die moederlijk optreedt. Ik bedoel dit: Twee ,,grcote" kinderen. De een maakt den ander belachelijk- we zullen het zoo noernen-.

Een lief wezen komt. Berispt den spotter, zacht en niet stuitend. Wijst andere kinderen op het minder mooie van h?t geval. Zie, dat lieve wezen, zijt gij. Zuster! En ik kan er U niet genoeg dank-·

baar voor zijn.

Zuster Ati! Velen, die mij van nabij kennen, vinden mij een cnaangenaam mensch. En die ve- len - mij echter niet ten srijt - hebuen gelijk ...

U slaat den spijker op drn kcp, als U zegt: zelfs een blik kzn iem~nd wonden . .Mijn jongste broertje blerde vers.chrikkelijk, toen h1j zich wondde aan de melkblik bij zijn poging om te snoepen ...

Toen ik het stuk: Momentopname schreef, had ik geenszins het plan iemand te d:.1oden ... . Alleen, snoodaard, die ik ben, h~b ik nict aan Uw Ati gedacht. Ik heb er nu heuzig spijt van, dat ik U, door mijn ,,onbezonnenh id" pijn heb moeten doen. Ze komen dan ook ten voile uit mijn hart, de volgende woorden: ,,Zustet Ati, ik beloof be- terschap. Een volgenden keer zal ik op mijn woor- dcn passen".

Ter ge1 uststelling wiI ik U nog dit zeggen: Gij hebt met uw schrijven U niets op den hats gehaald,.

niet mijn toorn! Maar hoort gij daar niet de triom- feerende stem uit Java's Hofstad, die lief zingt:

Ik ben een kind Van God bemind

En tot Geluk geschapen?

En ik benijd hem.

P. S.

Onverbeterlijk, P. P.

Noem mij a.h.u.b. geen X. Het staat zoo algebraisch. Ik ben geen merkwaardig product!!

UIT HET LEVEN VAN EEN DESSA-JONOEN.

(histodsch)

Wat schamel gekh~ed, me le hoof- den en een lei n e den ep " troep

ue.,sa~ongens m .de 01 nd ... nde LOI p 1.h.11 · orf ~t:t1

1andweg. Etn er va zag f'r bchoorlijke" ui naar zijn une1 lijk te o raee1en w hiJ ( Kmd van eut gegoei.kn tani. Al prah.nde en stod1..nde naderdt.n

L.IJ de d...ssa, waa hun oud oo den n aar

lllU.s h..!n e1..n no. dje rIJSt wachtte.

.l::Se~weet en rood door de verzengende zonnestra ...

!en kwam Aris thu1s. Dra z1Jn 1e1 op de tafel ge- gooid, :i.ijn kkeren uitgetrokken en slechrs met een Kort oroekJe en ontb1oote bovenlijf stonnde .hij d.!

keukcn bmn<.n, w&ar zijn mocder druk bezig was met het bereiden van de sp1jzen, waarmc:e zijn vader straks, ais hij van de sawah komt z1jn bordje rijst zou nutt1gen. Ongcdu.d1g liep Aris h;;;en en weer, want hiJ had een razenden honger; d..::n tlee- 1cn morgen lu.·j hij nog niets gebruikt. Moed~r

S(..hcen hem te begrijtJ1:n, want dadt:lijk 1..ette zij htm zijn portie vcor tn hoi.g~rig als hij was, vcr·- 1sJ011d hij letterlijk alles, wat voor hem lag.

lntuss...:hen wachtten zijn vrie.i<len reeds op hem.

Zonu..::r toestemming van moeder te vragen snelde Aris het huis mt en sioot zh.:h aan bij den troep, die al schrceuwende en huppelende den weg volgd~

11aar het heldere meertJe aan den grens van de dl.!ssa, om van daar uit hun ondernemingen te doen.

uaar stond een l<.nggar, waar de menschen bun gebed verrichtten en waar de jongens zich bij ge- Iegenheden onledig hield~n met sprookjes te ver~

tel1en of raadseltjes op te lossen.

ln groepjes van drie gingen de jongcns de sawah op. Zich niet bekommerende om de brand..:nde straien van de middagzon en niet ,minder warme sawahwater plasten zij lustig door den modderigen bodem, zoekende naar weloet-gaten en diepe troe-.

bele plckken, waar de ikan gaboes zich schuil hield om zijn lichaam te beschutten tt!gen de hittc.

En als <lan de zon recht op hun kale hoof den scheen en 't zweet hun Ian gs aangezicht en lichaam gutste, dan keerden ze met een sendatan naar huis terug, Maar ze konden toch niet nalaten eerst in 't koele

"1eerwater heen en weer te zwemmen tot 't water een .grijsgele aanschijn kreeg, tot wrevel van de tani's, die van de sawah waren teruggekeerd en hun lichaam wilden reinigen, en de santris, die hun middaggebed wilden doen. Maar die kleine zorgelooze kinderen stoorden er zich niet aan.

En als de avond kwam en de maan haar zilveren stralen naar de aarde zond in de huizen met hun atappen dak zoo tooverachtig schenen, dan kwa- men de kinderen te voorschijn en verzamelden zkh op een groat erf, waar zij gaan gobakken en roo- vertjes spelen, niet wetende, dat hun oudere broe- ders in de groote steden hun hoofd pijnigden met problemen, die zij waarschijnlijk alleen met hun medewerking zouden kunn n oplossen. Zoo leefdc Aris dag in dag uit met zijn vrienden hetzelfde Jeventje dool'.

.Een jaar was verloopcn sinds wij met onze kleine Aris hadden kennis gemaakt; een Jaar voor de ...

. .

..

.. .

~

. ...

.

..

(3)

groote men chen van inspanning maar voor den kleinen des·ajongen van ravottcn en stoeien. Hij lat nu in de 2e klasse.

Op een morgen zagen wij Aris ruet papa in hun nieuwste pak naar den toewan controleur, want papa wou zoo graag hebben, dat zijn zoontje op de H.l.S. kwam, waar Hollandsch wordt gelcerd, want papa wist zeer goed, dat men zvnder Hol- landsclz geen hooge positie in de ma.it chappij kon bekleeden. Maar helaas, er wa ge-.n plaats ineer, d.w.z. wel plaats maal' alleen voor ambtenaars- kinderen, want de H.l.S. was en mi scJ1ien ook is een standenschool. De kinderen van den tani, d:e moesten maar op de lnland che chooJ blijven, die is reeds go .d genoeg. Teleurge teld gingen vader en zoon huiswaarts en Aris mo1.:st zijn studi~

op de dessa chool voortzetten, vaar allern em beetje schrijvcn, lezen en rekencn geleerd werd.

Hij deed daar zijn best en twee jaren later zag hij zijn mocite dan ook bekroond met cen verklaring, waardoor 't hem mogelijk was zijn studie op de vervolgschool vcort te zetten. Toen hij deze scllool doorloopen had, me!dde hij zich weer aan voor de H.LS., doch ook dit maal w~rd hij afgewezen.

Nu moe t hij zijn toevlucht zoeken tot een parti.., culiere school. Daar verd hij met open armen ontvangen, als zijn ouders hem maar ,konden be- kostigen.

lntus chen was zijn vader ·.aan een korte maar hevige ziekte gestorven en Jeef de hij dus a Ileen

n inconsequ~ntie in persoon" woraen uitgemaakt.

Immers, als ik zei, dat ik ,,tegcn" ,,bobbed hair"

ben zou het u bevreemden, dat ik zelf zoo loop.

Ik beweerde, dat sarong en kabaja bij een ,.pa- gekc.p" - en wat er verder aan andere soorten kopjes bestaan - niet passen. Velen vinden dit zeker ook met mij - ert dit zal wel hieraan liggen, omdat het verschijnsel nog zoo nieuw en bovendien ,,schaarsch" is. Nau is het maar zaak, om te voor- komen, dat dit ,,schaarsch" niet in ,,veelvuldig"

verandert-want niet waar, (en ik hoop, dat velen het zoo zien als ik), dat zou toch heel jammer zijn.

Stel u eens voor, dat wij allemaal ons .,mooie'' haar lieten afknippen, en alien als trondols rondliepen. Wat zou dat een mooi ge:zicht gevenl Mis chien zou er later dan wel ergens in een van de laatste Europeesche aardrijkskundeboeken ver ...

meld warden: ,,Tegenwoordig dragen de Javaan- sche vrouwen de typische ,,konde" niet meer. Dit is wel jammer, want deze soort wrong maakte een der grootste schoonhcden uit van de Javaan- sche vrou 1>1". En dan hier en daar een plaatje, wa'.lrop eenigc van de laatste typen Moppig ge- woon !

Nietwaar, u kunt nooit weten, hoe de bal naar de goal rollen kan.

Toch mag deze tijd niet komen, tenmlnste niet, zoolang wij het nog kunnen verhinderen. (Wat een be:spottelijke toestand zou bet zijn) I En daar ...

om vr~ag ik al mijn zusters, om nJet als ik (wan- neer zij nag niet zoo ver zijn) de dwaasheid te begaan. heur haar, het mooiste sieraad der vrcU\\.' - te laten bobben. Doet u het nou heusch geen van alien - en weest met kracht ,,anti" bobbel hair (i11 het belang v. Java) l

,\\aar tusschen haakjes - als u mij ooit ontmoet n d zijn moeder en nog een bediende Sl~chts

door de grootste voorzichtigheid en nauwkeurig- heid te betrachtcn kon zijn moeder in het zware levensonJerhoud voorzien. Bovendien was Aris grooter ge\',:orden en had h ij ook veel meer eisch.:n.

Hij kon boos worden en huilen als hij zijn zin niet kreeg, niet voelende, dat zijn moeder zwoeg ...

de voor hem, haar eenigen zoon, dien zij niet graag van schooi zag gaan. H ij was haar ec:nige hoop, haar alles, c.1ie haar later in haar oude dagen een rustig leventje zou !mnnen bczorgen. Dat haar hoop nict ijdel blijve!

- bespot mij dan astublieft niet. Ik heb heusch 1 lang gcnoeg in tweestrijd verkeerd voor ik die

I

vreesel'j 1.e d:iad beging. Ziet u, ik weet, dat het mij ,,leelijker" maakt - maar zusters ( och - dat

1 wect u zoo niet allemaal, geloof ik) daar zijn ge- vallen waarin een mensch er niet veel om geeft - Drie Jaren waren voorbijgegaan, drie jaren v::n

lijden en ploetuen voor de arme ;nucdcr, die alleen van ue oplJ;rngst vau 't kleine stukje sawah e:n 1 bakoelan moest !even en bovendicn nog een school-

jcmgen te onderhouden had. Aris wild:! nu een laat- ste kans wagen om H.I.S.-cr te worden. Decmocdig

tapte hij het schoolerf binnen en meldde zich aan 1j en. hcofdon 'jzer. Hij liet hem zijn rappo; t • z1en, ,dat nog al goed wa , zo::dat hij dus alle hoop had; dat hiJ dezen kcer zou aangenomen En bet wonder geschiedde hij werd aan-

U\'4n.-.1n1en Z n VT£ugde kende geen grenzen. H ij

ZOU op dat oog nblik zeker wel een meter hoog, springen als hij niet 'Oor een wildvreemde en hoo- ere s on . Th 1 werd een slametan gegeven, zijnde een woord van aank tot God, die eind::lijk hun stille bede had verhoord; want met de aan- neming van haar zoon tot de H.J.S. zag rnoeder het lot van haar Jieveling verzekerd.

••

Zoo ziet u zrs. en brs. hoe moelijk 't is voor den • zoon van den tani om op een H.I.S. re komen, ja ' zelf. op de Jnlar.<lsche schQol kunnen nog niet al'e kinderen aangenomen wordrn. En dan bcweert d.;:

blanke pers, dat er hier in lndie te reel en goed onderwijs wordt gegeven. Voor den tani is 't be- paald moeilijk om goed onderwijs te krijgen. De Inlandsche schoJen, ja die zijn voor h~n bestemd, maar welk vooruitzicht heeft men daar?

Ja,

er zijn

·we! ormaal - en ambachts-scholen, waar men zijn studie 1kan voortzetten, rnaar hoeveel van die scholen zijn er. Toch heelemaaJ nog niet voldoen-

de~ Het is daarom goed,dat er particu!iere sch'Jlen worden op gericht z.a. Taman-Siswo, Mo'1ama- dijah, SJ. e.a., waar de kindercn van minvermo- gendcn goed onderwijs kunnen ontvang~n. Doch hierover zal ik maar zwijgen. Onze hrs. van de RK.S. e.a. zullen daar wel beter raad mee weten.

Ik wil u hiermee aantoonen, dat ons lot, ook op onderwijsgebied nog niet benijdenswaardig is te noemen.

Tot zoover dus eerst. 1

Met broederlijke groeten, GHAZALI.

~~~~~~~~

Meisjesrubriek

I

~~~I

BC33ED HAIR.

)

Of ik tegen deze nieuwe modegril ben? Ja - en

I

neen, ( onnoozel? zoudt u zeggen). Met het eerst" 1 meen ik ·n.l. het volgende: Ik zie b.v. r.iet graag J

mijn Javaansche sexegenooten, gekortwiekt rond- I loopen. Om u de waarheid te zeggen - ik vind het niet mooi staan, d.w.z. ik vind sarong en ka-

I

baja bij ,,bobbed hair" niet staan - niet, niet flat ...

teeren.

Een persoonlijke meening anders, waaraan nie- mand zich heeft en hoeft te ergeren. En - ieder z'n smaakl

Mijn ,,neen" nu hen ik wel genoodzaakt, daar te zetten - wll ik niet voor de ,,teienstriJdigheid

een beetje leelijker te zijn, dan ie al is - omdat het dan cc heel ,.bijzonder" gevat is. Maar dit is gelukkig geen reden voor u, om zlch ook willens en wetens leelijk te maken.

Neen, dat doet geen verstandig mensch, en hier in dit gcval geen verstandig meisje. Past u maar op. anders kijkt geen enkele ,,broeder" u meer aan. En ik zie (u ook, hoor) toch liever-een dracht russchcn de dochters en zonen van Java. Hoe zouJen deze anders ,,hand aan hand" kunnen strij-.

den voor hun volk?

Bovendien de zusters en broeders hebben elkaar ( ook bu it en dit strij.den) nog veel te veel noo<lig *).

Ik geloof tenminste niet, dat ze voorloopig elkaar kunnen ontberen! Dus; lieve zusters, geen ,,bobbed hair" meer, hoor - en het gelukkig nog kleine aan- tal ,,trondols" niet vermeerderen!

WINNIE.

•). lieuachr ... llm!

AAN MIJN ZUSTER SMRITL

Om te beginnen zeg ik U, dat ik een nieuw lid ben van j. J. en nooit wat heb geschreven voor ons orgaan. Oij weet niet hoeveel modte het mij gekost heeft om dit artikel te schrijven. En de redactie zal zeker niet weigeren om me een plaats te gunnen voor mij·n armzalig stukje. lk wil U niet verbergen in welke omgeving ik miJ bevind. Wel- nu, ik ben een van de dochtuen van de Garna·

lenstad, waarvan u zeker wel eens behoord hebt.

En het is u zeker wel eens opgevallen, dat ooze kring zich heel-weinig van zich heeft laten hooren.

Waar zou het aa.i gelegen hebben. Natuurlijk aan ons zelf, omdat wij te vcrlegen zijn, om uit ons hoekje te voorschijn te komen. Maar laten we geen kwaad sprekc:n van mijn kring.

Zooals u weet, is Cheribon vroeger een afdee- ling geweest, nu is het helaas tot een kring inge- kromprn. Voorwaai: zuster, het bestuur van onze kring heeft eens zware taak voor zich. Onze kring

staat heclemaal op zich zelf.

Geen hulp van buitcn mogen we ge<nieten, zoo- als an de re afdeelinget en kri•ngen. 1) Een verzoek van het bestuur aan de meest vooraanstaainde per- sonen in onzc stad om onze vereeniging hulp en steun te vei leenen werd van de hand gewezen.

Contact met de buitenwereld wordt ons verbo- den. zoodat de kring maar zelf moet wetem, hoe zich te hanhavl:!n. Arme zusters en nroeders van Cheribon ! lk geloof, dat wij de stiefkinderen zijn van j. j

Ik heb uw stuk gelezen, zuster Srr .. riti en kwam tot de ontdekking, dat wij stadgenoote1n zijn. Ja, ja, zuster u hebt velc waarheden, maar is het niet al te overdreven wat u schreef? Gij moet wat op- wekkends schrijv~n, ainders loopen we op een dag allemaal weg. Dus u denkt, dat we alles mogen doen als we reeds leerlingen zijn vain de Mulo?

Bedenk, dat u te doen hebt met conservatieve mensche<i1, met ouder , die nog tot de ,,kaoem kolot" behooren.

Weet zuster Smriti oms 't1iet, dat er bij ons op school godsdienstlessen worden gegeven em dnt de vrees van de ouders, dat hun dochters haar godsdicnstplichten zullC'!t verwaarloozen onge- grond is. En dat van do meisjes van de tweecte en

derde klas (zie uw tuk ,,Sprokkels'' orgaan 1 April 1927), v;nd u dat nict overdreven? lk vind het toch zoo ongeloofwaardig. ja zuster het is toch niet aardig van u :zulke dingen te zeggen. lk we t niet, of onze broeders ~n zusters die dit stuk gelezen hebben van de zelfde meening zijn als oinze zuster, maar ik, ben het niet met u eens. Kijk, u mag we! scherpe stukken schrijven, maar dit doet mij werkelijk pijn ... .

Ter eere va·n het ce1njarig bestaan onzer kring hebben we een paar weken geleden een excursie gemaakt naar een der w-0oi gelcge•n plaatsen van Cheribon. Deze excursie diende tevens als propa- ganda om nieuwe !eden aan te werven. Het be- stuur heeft buitenmenschen uitgenoodigd, die gretig gebruik hebben gemaakt vain onze invitatie.

lk bedoel hier geen oudere menschen, maar leer- lingen ,,jongens ea meisjes"; de donateurs en bui- tengewone !eden zij1n ni<!t mee geweest. Er waren zoowat 40 jongens en meisjes, en nog we! veel meer meisjes dClill jongens. U ziet dus, dat onze ouders niet zoo "conservatief zijn als u wel denkt, anders zouden ze ans geen toestemming gegeven heblh!n om met jongens ( misschien vreemden voor ons) samen den heelen dag uit te gaan. In de vrije natuur, ofT'.ringd door rotsen en stingers van lianen hebben we den verjaardag van onze kring herdacht. En of wij ons geamuseerd heb- ben? Daar zijn we bet bestuur nog o, zoo dank- baar voor. Voordat we een aanval deden op onze meegebrachte cterijen, hield onze voorzitter een korte rcde, waarin hij ons wees op de noodzake- lijkheid, dat wij ons wat nauwer bij elkaar aan- luiten. \Vij, de meisjes, hebben bet ter barte ge- nomen en zijn nu bezig een meisjeskring-- op te- richt.:n. Helaas, we zien tevergeefs naar een leid·

stu uit, tot we u, zuster Smriti, ontdekt hebben.

Nu rkht ik namens de meisjes van onze kring het verzoek tot u: Onttenn u over ons, want in u zien we onze a.s. leidster. Wees ecn vrouw van de daa<l, toon aan, dat giJ nfet alleen schrijven kunt, maar ook handelen, waar het noodig is. Uit uw stuk hebbert we opgemaakt, da u een voor- standster bent van de vooruitgang.

Reik ons <le hclpende hand en leid ons uit de , duisternis tot het licht C!ll gij :zult een goede daad

·verrlchtcn. Zuster, maak u zich zoo gauw moge- lijk aan ons bekend en kom tot ons; we zullen u met opon armen ontvangen.

•) Vergist u :d.ell nieti

Met zusterlijke groeten, SESAHOALIH.

~~~~~~~~fib.~~~~ I

I

3'advind~rshoel\

~ ~

JNSTALLATIE·AVONO J. J. PAOVINOERIJ AFD.

BUITENZORG OP 23,124 APRIL.

Het is dus afgelcopen, di en avond, afgeloopen ...

echter om niet te vergeten. Nog steeds zie ik voor me, het fantastisch schijnsel van 't kamp- vuur, de zwijgende gedaanten er om heen, met hun ernstige gezichten, onze wapperende rood-witte vlag en nog steeds voe! ik Je aaneenschakeling van indrukken, die in mijn hart zijn binnengeslopen.

Kameraden, broeders Padvinders van Bogor, keer tcrug met je gedachten naar dien avond, wat heb- ben jullie niet al beleefd? 0, gij Bogor met je regens, denkt gij daardoor ans af te schrikken, denkt gij dat het fundament van onze Padvinde ij daardoor zou :verzwakken? Kletsnat waren wij, reeds aan 't begin van de installatie, kletsnat, toch geen klacht hebben we gehoord, geen woord van kouJe, geen woord van vermoeienis. Het Locaal- Bestuur kan gerust zijn, !lat onze afd. uit padvin ...

ders bestaat, bewust van hun roeping. En gij, :z;usters van de Meisjeskring, dat gij in zulk een hondenweer, nog de moeite hebt genomen naar onze kamp te gaan, ge hebt de installatie dien avond mogelijk gemaakt. Druppeltjes vielcn nog uit den bcwolkten donkeren hemel, waart• gij te bat gekomen, bet zou heel anders afgeloopen zijn.

Wat wij U te zeggen hebben, dat de woorden van onzen te ass. troepleider in uw gedachten terug- keere!

Broeders padvinders, mijne vrienden zien jullie nog het licht van 't kampvuur, voeJ je nog de warm- te, die 't uitstraalt?" Warm zijri we geworden, door 't vuur? Dat niet alleen. Herinner J-e je nog de woorden uitgesproken voor 't hijschen van onze vlag, herinner je je nog 't, ,,dandartg goela", ge- zongen door een onzer zusters onder 't hijschen van ons rood en wit, het opstijgen va1,1 onze kris?

Waar gaan je gedachten heen, broeders, voel je nog het natte om je heen, de koudf' die je omringt?

Makkers, we hebben 't recht eerste

J .

J.-Padvinders te zijn van afd. Btz. We hebben beloofd, beloofd onder den bfooten heme!, beloofd onder onze wap- perende vlag, onze eigen rood-witte vlag, onder het schijnsel van het kampvuur, weten jullie wat dat beteekent? Oat wij de handcn uit de mouw dienen te steken, dat de tijd van lekker niets doen nu vooorbij is, dat wij onze aandacht dieper moeten wijden in d zaak van onze volkeren, als padvin- ders en Jona-Javanen. o~nkt a.an de be eekeni$ van

je belofte, aenkt aan je vlag, die je op c!ien avond hcbt zien wapperen, dcnkt aan je vad~rlancl, aan wie je hebt beloofd trouw te dicncn en last but not least, denkt aan onze wetten, die we hebben moeten verklaren.

Zien jullie nog het licht van het kampvuur? Het is nu uit, waarlijk! Maar gaat 't licht niet door tot onze hartcn, voelen we niet zachtjes warm, padvinders te zijn, voe! je geen sidueril)g dcor 't lichaam, dien avond, toe wij groot saluut moeste1 brengen voor onze vlag en vaderlancl, onze eigen vlag, ons eigen vaderland, waar we geboren en grootgebracht werden, en waar we zullen stervt:n?

Ik heb zelfs een paar oogen zien schittercn met 't teeJere vocht gevuld, dat men tfaan nocmt. Waar- om, ja, waarom? Waarom die gevoelens?

Hulde aan hem, die den eersten steen heeft ge- legd in de j. J.-Padvinderij, hulde aan hem. Dat hij begrijpe, dat hij ons hierdocir meer heeft 1eeren liefhebben, onze vlag, ons vadcrlalld, ons volk.

dat wij daardoor nog harder ons Jong-Javaa:nsch hart voelen kloppen.

Brocders, we hebben licht ontvangen. van ouiter, we zullen licht ontvangen in onze Padvinderij, ge- lciJelijk en onbewust, doch dat men 't voele, dat 't later niet zal moeten uitgaan als 't licht van eeu gewone pillenlamp, maar dat men zich 't kamp.., vuur herinnere! Het is nu uit. waar!ijkt! Maar voelen we ons niet warm om 't hart? Heb je zw:m~,

donkere wolken boven ons zien drijven, dien avond, heb je den dcnder in de vertc hooren rommelen?

We zien slechts het kampvuur voor ons Jkht.en, we zien sJechts de vlag boven ons wapperen ! Z00-

als wij dien avond hcbben gevoeld en gezien, zoo dienen wij het licht dat we ontvangen hebben te verspreiden in plaatsen waar nog duisternis heerscht, om hen te verlichten, hen warmte te ge- ven, die ze noodig hebben. Zooals de donkere zwarte wolken ons dien avond geen vrees aan- joegen, zoo laat men dan zich niet afschrikken voor de ge•arcn die boven oons hoofd hangen, de moeilijkheden, waarop we zul1en stuiten, om onze beloftc getrouw tte bJijven. We hebben Seloofd breeders, dat ernstig te zullen trachten. Dat dit niet zal zijn slechts pour la for,11c voor de instaaatic, maar dat wij zullen voelcn eu bcgrijpen d~ edel,t!

taak, die we zelf op onze schouders hebb1.:11 e;e!egct.

We hebben beloofd, niet voor onzen leid..'!r, maar voor 011szelf, en dat er Een is, die ons - hcdt gehoord. Ons vaderlarid heeft oaar zonen. no;dig, noodig om 't verderf van 't menschdom tegen te gaan en men leere nu begrijpen dat de Padvin{!erij in onze jcugdige harten en gemoederen aank~veekt die moreele deugden, die noodig zijn om met onze krachten te helpen aan 't behoud van de mensch- heid . . . .. . .. . . en aan de maatschapoij,_ diLmen de wereld noemt, de Padvinderij toch beooft de algemeene broederschap zonder aanzien van godsdienst, ms, kleur, geslacht, nationalitcit e.a.

en voooral, in de Padvinderij leert men zichzelve k,ennen. Welk een waarde, om onsze!f te leeren kennen, welk een waarde in dezen tijd van strijden en hopen. Immers, welke eigenschappen vJocien daar niet uit, zelfvertrouwen, meed, standvastig- heid, eigenwaa_rde, die te zamen vonnen de kracht, noodig om als mensch door h~t !even te gaan, al.::

mensch waardig te heeten, de zoon van 't volk.

Mijne vrienden, maar daarvoor is ook gewone kennis noodig, de ontwikkeling van de geest, deze toch stelt ans in staat ons blik te verruimen, de gebeurtenissen van de tijd te volgen en breedt>

levensinzichten te kunnen scheppen. En in onze jonge organisatie leert men zich voorbereiden or onze verdcre loop baan, hier lcert men ho~ samt:n te werkcn, en daardcor alleen kan de harmon;~

gevormd worden, hier cok wordt gczorgd, nid alleen vooo~ de geestelijke, maar ook vooor de

!ichamelijke ontwikkeling, beiden onmisbaar vo::ir de Vlolvoering van onze taak. Denkt, denkt, en werkt, brocders, we.rkt en je zuit de vruchten pluk- ken van jc arbeid. Gnjpt met beide hand~g de

gelcgenheid die men ons geeft in onze Padvin~erij

en je tijd zal niet verknoeid zijn.

Zoo is dus de Padvinderij afd. Bogor op 23 April officieel gei'nstalleerd, m~t den donkerr.n hcmel boven ons, de natte grond onder onze voe~

ten, het is nu afgeloopen, het is voorbij ... en zou 't tot in de lengte van dagen in onze harten bijblijven, die eerste plechtigh.:id, zou de herinne- ring er aan, onze eerste Bogoriaansche dvinders tot ware pioniers kunnen maken? Het fundament is gelcgd, gevormd uit een 25-tal jeugdige hartcn, waarvan 't gros reeds gevoelloos is voor weer en wind, di~ reeds weet de taak die hier moet word2n voortgezet. Een sterke lianr:I zit aan ' rac1, 't h-n- teerende met stuurmans beleid, er i~ gern twi1fel meer aan de bestaanszekerheid van onze Padvin- dcrij. Het zij hicr genoeg, we h..'!bber. hd <2:ezfon gevoeld, en onze oogen zijn wijder geopen l

Mijne vrienden, jullie hebbcn 't recht eei~tz Pad~

vinders te zijn van Buitenzorg, Jaat dat zien ! Norrma:tls roep ik jullie toe, Jaat dat zien ! Mijn P. V. saluut vergezelt je.

BOY.

Naschrift.

Even.aan onze vooortrekkers ter lezing 'Cle oor- den van den heer Setijogroho m oe!oeh Tndc11 sia Bedenkt, vrienden, dat vooral ecr wi1 "' bor tt

werdcn, Indonesia zkh reeds a1r<'cde over 011 ont fermde. Dit land is on~ land, hct 1s 011z moed

Referensi

Dokumen terkait

,,Nu, ik wil het zijn en" - maar de vloeken volgden elkander op, terwijl hij herhaalde: ,,Gij zijt mijn vriend niet; ik heb er nooit een gehad, en ik heb ze ook niet noodig." lk

eet, tegen de landvarbunr is, niet al het mogelijlre lOl doen om de lan~.vel'bnnr tegen te .werken 1 Weet de.. Regaring niet